Geloof leren van een Russisch poppetje.

Baboesjka, geloof binnenste buiten.

“Johan ter Beek neemt zijn lezers mee op ontdekkingstocht binnen een nieuwe theologie met als doel de kerk en wereld te dienen met een ‘nieuwe verwoording van een oud geloof. Hij slaagt erin tussen de klippen van orthodoxie enerzijds en vrijzinnigheid anderzijds door te manoeuvreren. ‘” – De Nieuwe Koers.

Dit boekje prikkelt, fascineert en verwart. Ter Beek wil een frisse kijk op de bijbelse bood- schap geven en gebruikt daarbij bijzondere voorbeelden en inzichten.” – EO Visie.

 

Er waait een frisse wind in de kerk. Er worden nieuwe vragen gesteld en nieuwe antwoorden gevonden, maar het blijft niet zweven op een theoretisch vlak; jonge gelovigen ontdekken nieuwe theologie als verhaal voor hun leefstijl en missie vanuit de kerk in de wereld. Opvallend is dat veel missionair bevlogen mensen zich bezig houden met informatie over Jezus uit de eerste eeuw, verhalende (narratieve) theologie, de kerk als contrast-gemeenschap en een nieuwe perspectief op Paulus. Maar wat is nu de rode draad in dit verhaal?  Waarom zijn deze mensen zo enthousiast? En wat is het verschil met het oude perspectief? Kortom: wat is de nieuwe koers?

In het boek “Baboesjka, geloof binnenste buiten” maak je kennis met de theologie van bijvoorbeeld N.T. Wright, Stanley Hauerwas en Walter Brueggemann, maar dan binnen een heldere metafoor: het beeld van een Baboesjka, een Russisch poppetje dat bestaat uit meerdere lagen. Het poppetje vertelt het grote verhaal van God en de wereld, Israël en de kerk en vooral de climax in Jezus Christus. Baboesjka vertelt het Bijbelse verhaal opnieuw en plaatst het in een fris perspectief.

Het oude perspectief van bijvoorbeeld de reformatie en de evangelische beweging kent natuurlijk veel sterke kanten: persoonlijk geloof, nadruk op het openbaringskarakter van de bijbel en het onderstrepen van genade door het offer van Jezus. In het nieuwe perspectief gaan deze sterke punten niet verloren, maar krijgen ze extra betekenis in een breder en dieper verhaal. Nadeel van het oude perspectief is wat Brian McLaren noemt: de “six-line” biblical narrative:

Grote nadruk in dit verhaal ligt bij de zondeval en de gevallen staat van de mensheid en de bijbehorende oplossing: Jezus’ plaatsvervangende lijden en sterven. Hoewel het een sterk versimpeld beeld is van wat de kerk heeft geleerd is dit het plaatje wat veel gelovigen in hun achterhoofd hebben zitten: Jezus is nodig om het probleem van de individuele zonde op te lossen zodat je het eeuwige leven ontvangt. De kerk is er primair om deze “waarheid” te verkondigen en evangelisatie is het middel om mensen van buiten naar binnen, of van de hel naar de hemel te krijgen. Er is hierdoor weinig aandacht voor de veel andere Bijbelse gegevens. N.T. Wright zegt het zo: de kerk van de reformatie was prima in staat om te vertellen waarom Jezus moest sterven, maar minder goed in het vertellen waarom hij leefde. Wat is de betekenis van het leven van Jezus? Zijn woorden? Zijn  radicaal andere leefstijl? En dieper: wat heeft Jezus sterven te maken met het grotere verhaal van zijn volk Israel? Of was het een tijdloos en universeel iets?

In Baboesjka  wordt het Bijbelse verhaal opnieuw vertelt. Nu niet in een dogmatisch schema, maar vanuit het Bijbelse verhaal zelf. Wat staat er nu echt?

Probleem / Vraag  Oplossing / Antwoord
Macro / Groot I De goede schepping van God is in crisis. Hoe zal God dit oplossen? II God lost het probleem in zijn goede schepping op door de verkiezing van een alternatief volk.
Micro / Klein III Het volk van God is in Ballingschap en dus zelf in crisis. Hoe zal God het volk zelf verlossen? IV God verlost het volk door de komst van de Messias en herstelt zo haar oorspronkelijke roeping.

Het eerste poppetje, de grote en buitenste Baboesjka is het verhaal van de goede schepping en haar Creator. In de hele bijbel en niet alleen in Genesis wordt de wereld en de mens gezien als goede schepping. De schepping is en blijft goed en leeft niet in “absolute gevallen staat”. De mens is “bijna goddelijk” en “Gods handtekening staat prachtig onder heel de wereld” (Psalm 8).

Maar tegelijkertijd is de wereld, de mens en zijn wijzelf in crisis. De joodse bijbelschrijvers ervaren die crisis in hun ballingschap, in slavernij, in zonde. De natuur is niet altijd mooi, maar soms ook dodelijk. En de mens verwoest de schepping door macht over haar uit te oefenen of door haar te aanbidden als afgod. De bijbel kent niet een zondeval, maar een hele reeks. Net als Adam, moet ook Kaïn vluchten, worden de bewoners van Babel verstrooid, moet Abraham naar Egypte en Jacob vluchten gaat Israel in Ballingschap en moet David weg uit zijn huis, gaat Israel in Ballingschap en spreekt Jezus over de verloren zoon.

Gelukkig gaat het Bijbelse verhaal ook steeds over schepping en niet alleen in Genesis. Het is voor veel christen een “nieuwe koers” om te ontdekken dat schepping iets anders betekend dan een concurrerend paradigma voor evolutie. Het is Gods nieuwe begin, een nieuwe start, herschepping. En de bijbel staat er vol mee! Misschien is de hele bijbel wel geschreven met het oog op die doorgaande schepping.

Het tweede poppetje in de Baboesjka gaat over de vraag: Als God dan een goede schepper is, wat doet hij dan aan de crisis binnen de schepping? Wat is Zijn antwoord. In veel kerken wordt dan snel gewezen naar Jezus: hij is het antwoord. De Alpha cursus gaat rechtstreeks van zondeval naar Jezus. In de bijbel staat er echter een heel ander antwoord, ook al speelt Jezus binnen dit andere antwoord de cruciale rol!

Het antwoord van de bijbel op het probleem binnen Gods goede schepping is de “roeping” of de “uitverkiezing” van het volk Israël. God kiest in Abraham en later in het volk Israël een alternatief, een soort etalage om te laten zien aan de hele wereld hoe goed het leven met God is. Rabbijnen verklaren dat Abraham weer teruggaat naar het verloren paradijs. De hof van Eden is het beloofde land. De bijbel kent dus geen dualistisch beeld, geen vertrek van de aarde naar de hemel, maar de komst van de hemel op aarde, onder Gods Koningschap.

In het nieuwe perspectief op Paulus heeft men ontdekt dat het joodse geloof niets heeft te maken met “werkgerechtigheid” of “wetticisme”. Het Bijbelse verhaal was altijd “genade”: Het is God die roept en bevrijdt. Hij geeft het leven en wij beantwoorden dat met het houden van zijn leefregels. Het Oude Testament is dus geen voorbeeld van mislukte religie, maar van God grote plan met de wereld: een volk dat geroepen is om anderen tot zegen te zijn!

Het derde poppetje gaat opnieuw over een crisis, een drama. Maar nu over de crisis binnen Gods volk zelf. Een groot deel van de bijbel speelt zich af in de ballingschap. De joodse schrijvers en vooral de psalmdichters en profeten worstelen met het gegeven dat er binnen het volk ook zonde, opstand, afgoderij en onrecht heerst. Het volk Israel kent een gecompliceerde geschiedenis in haar omgang met het kwaad en politieke machten. Uiteindelijk wordt Jeruzalem en de tempel vernietigd. Het volk moet opnieuw “weg uit de hof van Eden”, opnieuw een zondeval. Ook God zelf gaat weg uit de tempel en de stad, in ballingschap. Is dit dat het einde van Gods verhaal? Is er nog een weg uit dit drama?

Er waren in de tijd van Jezus antwoorden genoeg. Nog strikter de Thora naleven, nog meer hekken van heiligheid om het volk heen plaatsen om het kwaad buiten te houden, nog harder vechten tegen de Romeinen of juist met ze samenwerken. En alle joodse gelovigen deelde de verwachting dat God zijn plan zou doorzetten. Spoedig zou hij het volk bevrijden, opnieuw scheppen en dan zou de komende eeuw van vrede aanbreken: Gods koninkrijk zou komen op aarde.

De vraag was: hoe? En ook: door wie? Wie zou de beloofde koning zijn, de gezalfde, de Messias?

Het vierde poppetje gaat over de climax van Gods verhaal met zijn volk: Te midden van alle alternatieven komt er een profeet uit Nazareth: Jezus. Hij zegt dat Gods Koningrijk komt en dat dit het goede nieuws is: het evangelie. Het is geen bevrijding van individuen alleen en al helemaal geen “escape” naar de hemel. Het is datgene wat God altijd al van plan was te doen met zijn volk: het bevrijden en herstellen in haar oorspronkelijke missie: een licht te zijn voor de volken.

Jezus laat echter op een volstrekt uniek manier zien hoe God dit tot stand brengt: Hij weet zich geroepen om Israel te zijn. Hij identificeert zich volledig met het volk en God identificeert zich volledig met hem. Hij is het volk en hij is Gods zoon. En terwijl hij dit unieke werk doet wat hij alleen kan doen, roept hij Israel opnieuw: geloof en volg mij! De discipelen, het vernieuwde Israel, wordt bevrijdt en ontvangt opnieuw leefregels. Ze mogen Jezus en zijn agenda volgen.

Terwijl Jezus al een begin maakt met het “volgende hoofdstuk”, loopt het oude verhaal van Israel als volk ten einde. Niet Gods plan, maar de etnische ambities bereiken een climax in de strijd met Rome. Jezus identificeert zich volledig met het volk in slavernij door het lijden te ondergaan. Hij dient, lijdt en vergeeft. Hij keert de andere wang toe, gaat de extra mijl en heeft zelfs zijn vijanden lief. Jezus leert dat zijn koninkrijk niet vanuit deze wereld komt. Het is geen koninkrijk van macht of dominantie, maar van liefde, dienstbaarheid en vergeving. Het komt uit de hemel, maar is wel voor de aarde. Het symbool van dit koninkrijk is het kruis waaraan de Messias sterft. Dan lijkt het verhaal voorbij. Is niet immers de Messias ten onder gegaan in zijn goede bedoelingen van liefde?

Precies op dit punt grijpt God op unieke manier in door te herscheppen. Hier is waar de hele schepping op wacht: een mens die namens God alles op zijn kop zet. Hier begint God zijn nieuwe schepping, opnieuw in een tuin, net als Adam, opnieuw met een “Eva”: Maria die hem herkent als de “de tuinman”. Opnieuw met engelen die nu niet de weg naar het leven afsluiten, maar de wacht houden bij het graf.

Toch speelt dit verhaal zich af te midden van de helse machten van de Imperiale macht van Rome. De Keizer met al zijn militaire en economische macht noemt zichzelf “Kurios”: Heer van de wereld en soms zelfs: verlosser en zoon van god. Als de evangeliën worden geschreven ligt Jeruzalem in puin en maakt de Keizer korte metten met de joodse opstand. En juist dan verklaren de christenen: Jezus is Heer! En wij volgen hem op de enige weg ten leven! We geven onszelf ook. Rome kan niets beginnen tegen een Joodse Messias die zelf kiest voor dienstbaarheid, liefde en vergeving. En ook niets tegen zijn volgeling. Het onwrikbare geloof in de opstanding ondermijnt de crisis volledig. Dat is de vijfde Baboesjka: een laag om de vierde heen. De crisis van het derde poppetje krijgt een wending door Jezus opstanding en de navolging van zijn discipelen.

En Gods verhaal gaat door naar alle volken. Ging het twee poppetje over Abraham’s roeping om tot zegen te zijn voor alle volken: nu gebeurt het: alle volken worden Gods volk en de hele aarde wordt Gods heilige land.

Jezus maakt daar al een begin mee als hij zijn volgeling instrueert: niet de tempel, het strookje land aan de Middellandse zee, niet de wetten over voedsel, volk of sabbat bepalen wie er bij hoort: maar iedereen die bevrijdt, vergeven wordt. Iedereen mag er bij horen. Eerst de uitgestotenen binnen het joodse volk zelf, maar daarna ook de Samaritanen, de Grieken en de Romeinen.

Door de komst van de Messias breekt het verhaal naar buiten: geloof binnenstebuiten. Het is niet langer etnisch of lokaal, maar vanuit het voor iedereen. In Christus zijn is de nieuwe identiteit en alle volken ontvangen de Heilige Geest. Het christelijke geloof wordt een beweging van radicale inclusiviteit op basis van een exclusief verhaal. Dit is het verhaal van de zesde Baboesjka (of de herstelde tweede Baboesjka).

En er is hoop. De laatste pop van de Baboesjka vertelt het verhaal van de volledig herschepping. God zal niet alleen Jezus uit de dood laten opstaan, maar in hem alle mensen en de hele schepping. Onze hoop, ook al zijn we daar nog niet volledig, ligt in Christus en strekt zich uit naar alles wat leeft. Gods woonplaats zal bij de mensen zijn. Daarom zijn christenen hoopvolle en realistische mensen te midden van een wereld in crisis.

Baboesjka zet daarmee een nieuwe koers uit voor christenen vandaag: wat is het verhaal waarin we ons bevinden? Niet omdat we perse gelijk willen krijgen, maar omdat dit voor ons een gids is. Dit verhaal hoeven we niet van bovenaf op te dringen maar vertelt wie we zelf zijn, waar onze gemeenschap voor staat, wat onze hoop is. En daarmee hopen we andere te dienen en te inspireren. Het is een verhaal vol complexiteit en geeft ruimte. Maar tegelijkertijd daagt het uit en geeft het hoop. En daarmee kunnen we vooruit.

Boek:

http://www.arkmedia.nl/beek-johan-ter/baboesjka.html

Kader:

Probleem / Vraag  Oplossing / Antwoord
Macro / Groot I De goede schepping van God is in crisis. Hoe zal God dit oplossen? II God lost het probleem in zijn goede schepping op door de verkiezing van een alternatief volk.
Micro / Klein III Het volk van God is in Ballingschap en dus zelf in crisis. Hoe zal God het volk zelf verlossen? IV God verlost het volk door de komst van de Messias en herstelt zo haar oorspronkelijke roeping.

Foto’s:

Eén reactie »

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s